Hoe Emetofobie Mij Niet Liet Leven (1)

Het is maandagavond (26 februari 2018) als ik bij toeval een item van Editie NL voorbij zie komen. Het gaat over braakfobie (Emetofobie red.) en Manon, 19 jaar jong, heeft daar last van. Niet veel later verschijnt er een Facebook post namens RTL Nieuws over het zelfde item.

Op een of andere manier voel ik mij verplicht hier iets mee te doen, want ik had hier ooit heel veel last van. Voor een lange tijd wou ik eigenlijk alleen maar dood. Wat daadwerkelijk gebeurde heb ik nooit zien aankomen. Hier is het eerste deel van mijn verhaal.

Wat is Emetofobie?

Red. Emetofobie is een irrationele angst voor overgeven. Deze angst gaat vaak gepaard met paniekaanvallen en hyperventilatie, welke vaak alleen gebeurd tijdens de misselijkheid. Door de angst word men misselijk en weer angstig door de misselijkheid. Gek genoeg blijft het daadwerkelijk braken vaak uit.

Beenmergkanker

Bij mij begon de Emetofobie of ‘beperking’ – zoals ik het noem – pas echt flink door te zetten een jaar nadat mijn vader Leukemie (Beenmergkanker) had in 2001. Tijdens die periode ging het op gegeven moment zó slecht met mijn vader dat de artsen vertelde niets meer voor hem te kunnen doen. Dat moment was bij mij zo hard binnen gekomen dat ik mij toen pas realiseerde dat ik hem toch echt kwijt kon gaan raken.

Gelukkig, na een paar angstige dagen, kregen wij telefoon dat hij wakker was en vanaf dat punt ging het eigenlijk alleen maar beter. Het was zo’n nachtmerrie waarvan je wakker wordt en realiseert hoe naar het was, het vervolgens de hele dag blijft hangen maar je schudt het van je af en gaat verder. Bij mij begon alleen een zeer turbulente en zware tijd in mijn leven, zacht gezegd.

De dag dat mijn vader thuis kwam, zo blij dat hij samen met mijn moeder voor de deur stond. Ik bracht zijn spullen naar binnen en bij binnenkomst bleef hij heel even voor de deur staan. Starend naar de deur en de gang. Mijn vader begon te huilen. “Ik had nooit gedacht ooit weer thuis te komen”, snikte hij tussen zijn tranen door. Mijn hart brak en realiseerde mij toen maar al te goed de talloze angstige momenten mijn vader heeft moeten doorstaan.

Prikkels, prikkels, prikkels

We zijn een jaar verder, 2003. Een jaar geleden dat mijn vader zijn laatste chemo-therapie had en weer thuis kwam. We gingen op vakantie naar Zuid-Limburg. Twee weken even lekker in Hoog Vaals. Toch droeg ik al enige tijd een gevoel met mij mee die ik niet kon plaatsen. Prikkels die mij heel bewust maakten van wat er om mij heen gebeurde.

Op een dag gingen we naar Maastricht. Ik liep met mijn ouders, zusje, broer en schoonzus de stad in. We waren nog geen 10 minuten weg en ineens overviel een gevoel van angst, misselijkheid en paniek door mij heen. ik wou alleen nog maar vluchten voor iets wat ik niet kon plaatsen.

Ik vroeg mijn vader om de sleutels van de auto en haastte mij vlug naar de auto. Eenmaal in de auto zat ik veilig want had het gevoel dat niemand mij kon zien. De dagen erna waren niet veel anders. Mijn lichaam wilde graag mee leuke dingen maar mijn hoofd gaf alleen maar rode signalen af. Ik realiseerde mij al gauw dat ik mij gevangen voelde in mijn eigen lichaam alleen wist ik niet wat het was of waar het überhaupt vandaan kwam.

Eerste paniekaanval

Thuis van vakantie hoopte ik dat het een tijdelijk iets was. Dat ik gewoon weer lekker naar school kon gaan, sociaal met vrienden en klasgenoten zijn. Ik zat in mijn tweede jaar van het Grafisch Lyceum (Media College) Amsterdam en had het daar heel erg naar mijn zin.

Op een dag wandelde ik richting de bus met een naar gevoel. Het gevoel die ik herkende toen ik in Maastricht was. Toch zette ik door want ik wilde heel graag naar school, ik stapte de bus uit en wandelde naar het treinstation om de trein naar Amsterdam Sloterdijk te pakken. De trein kwam al vrij snel en ik stapte in zonder teveel stil te staan bij het gespannen gevoel in mijn lichaam.

Maar, naarmate ik verder van mijn woonplaats werd verwijderd hoe meer gespannen ik mij voelde. Ik voelde me misselijk en angstig. Toch bleef ik zitten. Niet omdat ik het wilde maar omdat ik nogal van mijn apropos was over het overweldigend gevoel in mijn lichaam.

Het gespannen gevoel bleek uiteindelijk één grote paniekaanval te zijn. Ik wist het alleen niet. Bij aankomst op Sloterdijk vluchtte ik al gauw naar het andere spoor om de eerstvolgende trein naar huis te pakken. Ik kan mij nog goed herinneren dat ik duizelig was, het gevoel had of ik uit elke plek van mijn lichaam aan het zweten was en niet helder kon zien of denken. Sindsdien ben ik nooit meer terug geweest naar die plek.

Alles kwijt door Emetofobie

Ik kwam thuis en vertelde mijn moeder misselijk te zijn en mij beroerd te voelen. Enkele weken later bleek ik, na een gastroscopie, een zwaar ontstoken maagwand te hebben. Voor een geruime tijd liep ik met een maag vol gal niet wetende dat het mijn maag van binnenuit kapot aan het maken was. Het deurtje wat af en toe open gaat om het gal naar mijn maag te begeleiden stond continu open. Het was alsof ik elke dag met een zware kater rondliep, heel erg misselijk en gespannen.

Inmiddels was ik mijn leven niet meer zeker. Ik verloor de kans mijn studie af te maken, mijn bijbaan moest ik noodgedwongen stoppen, flink wat vrienden maakte plaats voor eenzaamheid en voor mijn gevoel was dit het einde. Ik was net 20 jaar jong.

Op een dag was ik de onzekerheid zo zat dat ik alles in mijn kamer opzij gooide dat mijn broer rennend naar boven kwam, mij vast hield en ik gebroken op zijn schoot alleen maar moest huilen. Wat was er mis met mij? Niet veel later volgde er een diagnose; Emetofobie.

In het volgende deel zal ik ingaan op mijn eerste behandeling, hoe mijn lichamelijk klachten overgingen op (extreme) psychische klachten en hoe mijn huisarts nalatig was met medicatie en nazorg.